Afbeelding
Foto: pr

‘Stroop je mouwen op en ga aan de slag’: Jan Ravensbergen komt in actie tegen armoede

Algemeen

Jan Ravensbergen ziet armoede misschien niet elke dag, maar zodra hij ermee in aanraking komt, wil hij vooral één ding: in actie komen. ‘Iedereen heeft wel een uurtje over om iets voor een ander te betekenen. Zelf komt hij in actie voor zijn eigen stichting ‘De zak van Sinterklaas’ en nu ook als ambassadeur van de Voedselbank.

Wie Jan Ravensbergen kent, weet dat stilzitten niet in zijn woordenboek voorkomt. In de werkplaats van Autocentrum Van Egmond is hij als mede-eigenaar voortdurend in beweging. Even een klant helpen, in overleg met een collega, een telefoontje tussendoor. Al honderd jaar zit het familiebedrijf op dezelfde plek. Jan groeide er letterlijk tussen de auto’s op.

‘Hier ligt wel mijn hart’, zegt hij terwijl hij om zich heen kijkt. ‘Mijn vader was de vorige generatie en nu mogen wij (samen met John Jungerius) het voortzetten. Dat blijft iets heel moois. En eerlijk gezegd voelt het team hier meer als een vriendengroep dan als collega’s.’

Dat typeert Jan misschien wel het beste. Een ondernemer met een groot hart voor zijn bedrijf, maar minstens zo betrokken bij de mensen om hem heen.

Vertrouwen boven alles

De meeste klanten komen uit Rijnsburg en de omliggende dorpen. Hardwerkende mensen die afhankelijk zijn van hun auto om naar hun werk te gaan, de kinderen weg te brengen of familie te bezoeken. ‘Wij proberen naar iedere auto te kijken alsof hij van onszelf is. Dat vertrouwen moet je wel verdienen.’ 

Maar het betekent ook dat onderhoudskosten de afgelopen jaren duurder zijn geworden. Jan: ‘Alles wordt duurder. Niet alleen de boodschappen, maar ook het onderhoud van een auto. Je merkt dat mensen reparaties uitstellen of zeggen: misschien kan het nog wel even wachten.’ 

Als iemand het tijdelijk niet kan betalen, probeert Autocentrum Van Egmond mee te denken. ‘Dan zeggen we gewoon: laat de reparatie nu doen en betaal hem later. Soms spreiden we de betaling over een paar maanden. Daar worden wij echt niet armer van, maar voor iemand anders kan dat nét het verschil maken.’

Zak van Sinterklaas

Zijn betrokkenheid bij armoede begon niet bij de Voedselbank, maar bij een ander initiatief waar hij zichtbaar trots op is: Stichting De Zak van Sinterklaas. Het idee ontstond toen hij samen met anderen betrokken was bij de Sinterklaasintocht.

‘We hoorden verhalen dat ouders de speelgoedboeken van Intertoys weggooiden voordat hun kinderen ze konden zien. Gewoon omdat ze wisten dat ze toch niets konden kopen. Dat vonden we zó heftig.’ Er moest iets gebeuren. Samen met mede-initiatiefnemers werd Stichting De Zak van Sinterklaas opgericht. Inmiddels werkt de stichting al jaren nauw samen met Intertoys en Voedselbank Katwijk.

‘Honderden speelgoedboeken gaan via de Voedselbank naar gezinnen. Ieder kind op de basisschoolleeftijd mag vervolgens voor ongeveer vijftig euro aan cadeautjes uitzoeken. Wij zoeken de sponsoren, Intertoys verzorgt de cadeaus en de Voedselbank deelt alles uit.’

Jan is zichtbaar enthousiast wanneer hij erover vertelt. ‘Het mooiste moment? Dat zijn die blije gezichtjes van de kinderen.’

Geen aarzeling

Door De Zak van Sinterklaas kwam Jan steeds vaker in contact met gezinnen die het financieel moeilijk hebben. Dat veranderde ook zijn eigen blik. ‘Pas toen besefte ik hoeveel armoede er eigenlijk is in onze eigen gemeente.’ Sommige momenten vergeet hij nooit meer. ‘We kregen briefjes van kinderen die gewoon schreven: ‘Bedankt dat ik een cadeautje krijg.’ Dat raakt je. Dan besef je dat iets wat voor veel gezinnen vanzelfsprekend is, voor anderen helemaal niet normaal is.’

Juist daarom aarzelde hij geen moment toen hij werd gevraagd ambassadeur van de Voedselbank Katwijk te worden. ‘Ik vind gewoon dat we met elkaar alles moeten doen om armoede zo klein mogelijk te maken. Als ambassadeur hoop ik ook andere mensen enthousiast te maken en te inspireren om zelf ook wat te betekenen voor de medemens die wel wat hulp kunnen gebruiken. Dat kan met geld, maar net zo goed met tijd of aandacht.’

Niet te snel oordelen

Jan vindt het belangrijk om niet te snel over mensen te oordelen. ‘Je weet nooit hoe iemand in armoede terechtgekomen is. Daarom moet je ook niet meteen klaarstaan met een oordeel.’ Hij denkt vooral dat veel mensen hun situatie verborgen proberen te houden.

‘Volgens mij is schaamte misschien wel het grootste probleem. Ik kan me voorstellen dat mensen zich ervoor schamen om hulp te vragen. Daardoor wordt hun wereld alleen maar kleiner.’

Zijn boodschap is juist het tegenovergestelde. ‘Durf die stap te zetten. Als je twijfelt of je hulp nodig hebt: vraag het gewoon. Er zijn echt meer mensen bereid om te helpen dan je denkt.’

Besef

Soms zit een verhaal over armoede heel dichtbij. Jan vertelt hoe hij van dichtbij meekreeg dat iemand niet bij een feestje kon zijn in verband met de kosten. 

De oplossing was voor Jan eenvoudig. ‘We hebben gezegd: dan betalen wij dat toch gewoon.’ Hij haalt zijn schouders op alsof het de normaalste zaak van de wereld is. ‘Voor ons is een paar tientjes misschien niet zo veel. Maar voor sommige gezinnen is dat een enorm bedrag.’ 

Dat besef probeert hij ook aan zijn eigen kinderen mee te geven. ‘Als je met het gezin naar de bioscoop gaat, geef je zomaar zeventig euro uit. Daar moet een gezin bij de Voedselbank soms meer dan een week van eten. Dat zet je wel aan het denken.’

Niet vergaderen, maar doen

Wie met Jan praat, merkt al snel dat hij liever in actie komt dan eindeloos over plannen praat. ‘Ik ben het type ambassadeur dat mensen bij elkaar wil brengen. Dingen organiseren. Actie ondernemen. Ik ben niet iemand die eindeloos wil vergaderen.’ 

Dat zie je ook terug in zijn oproep aan andere ondernemers. ‘Als iedere ondernemer één actie per jaar doet voor een goed doel, dan verandert er echt iets. Iedereen heeft wel een paar uurtjes over. Die tijd is er echt. Je kunt een avond op de bank naar Netflix kijken, maar je kunt ook iets betekenen voor een ander.’

Iedereen kan ambassadeur zijn

Voor Jan hoeft het woord ‘ambassadeur’ eigenlijk niet eens een aparte titel te hoeven zijn. ‘Eigenlijk zou iedereen ambassadeur moeten zijn. Niet alleen van de Voedselbank, maar van mensen die hulp nodig hebben.’ Dat hoeft helemaal niet ingewikkeld te zijn. Een uurtje vrijwilligerswerk. Een financiële bijdrage. Een buurman helpen. Of gewoon iemand serieus nemen. ‘Ik geloof echt dat iedereen wel iets kan doen.’

En dat is precies waarom Jan Ravensbergen zo goed past als ambassadeur van de Voedselbank Katwijk. Jan is niet alleen een prater, hij is een doener. Of, zoals hij het zelf het liefst zegt: ‘Stroop je mouwen op en ga aan de slag.’

Uit de krant