Leo Levi vertelt de leerlingen uit groep acht over de geschiedenis van de Joodse begraafplaats en de monumenten daar. | Foto: pr
Leo Levi vertelt de leerlingen uit groep acht over de geschiedenis van de Joodse begraafplaats en de monumenten daar. | Foto: pr Foto: pr

Scholieren krijgen rondleiding over Joodse begraafplaats

Algemeen

Als ik donderdagochtend 10 april aankom bij de Joodse begraafplaats aan de Zeeweg in Katwijk aan den Rijn, zit Leo Levi op een bankje in het zonnetje voor het Metaarhuis (ruimte waar de lichamen werden gereinigd voor de begrafenis) te wachten op de leerlingen van groep acht van de Mr. J.J.L. van der Brugghenschool. De groep komt met gele hesjes aangefietst. Juffrouw Corine hoeft weinig moeite te doen om de leerlingen rustig hun fietsen te laten stallen. Ondertussen is ook wethouder Jacco Knape gearriveerd.

Door Piet Rovers

Leo Levie is ruim dertig jaar secretaris geweest van de Joodse Gemeenschap Leiden en geeft leerlingen van de groepen 7 of 8 van verschillende basisscholen uit Katwijk rondleidingen op de Joodse begraafplaats. De rondleiding is gericht op bewustwording.

Leo vertelt bij de ingang over de geschiedenis. In 1758 werd de grond gepacht van de familie Van Wassenaer om te gebruiken voor een Joodse begraafplaats, waar de doden met rust gelaten werden. Dat was namelijk een probleem voor de Joodse gemeenschap in Leiden, waar de graven regelmatig geschonden werden. Een bijkomend voordeel was dat begraven in de zandbodem in Katwijk hygiënischer was dan in Leiden.

In 1835 werd de grond voor één gulden verkocht en kwam het in eigendom van de Joodse gemeenschap. ‘Joodse mensen worden meestal snel begraven. De leefgemeenschap is klein en daardoor is het nieuws snel bekend en vindt de begrafenis de volgende dag plaats’, vertelt Leo. Er wordt daarom geen dienst gehouden zoals bij het christelijk geloof gebruikelijk is.

Geen eeuwige rust

Dan vervolgen we onze weg naar de begraafplaats. Via een bescheiden poort komen we bij het monument dat de Joden herdenkt die zijn omgekomen in de Holocaust. De leerlingen worden vanzelf stil omdat zij beseffen dat oorlog littekens achterlaat.

Honderdéénenvijftig personen uit Katwijk, Noordwijk en Leiden worden hier herdacht. ‘Deze mensen hebben geen eeuwige rust’, zegt Leo zacht.

De leerlingen hebben op school hier duidelijk les in gehad. Ze knikken als Leo vertelt: ‘Mijn ouders die in Rotterdam woonden werden opgepakt en gedeporteerd naar het kamp Bergen Belsen. Dat hebben zij overleefd, ondanks de verschrikkelijke omstandigheden.’

Op het monument liggen steentjes die zijn neergelegd door mensen om hun dierbaren te herdenken. Joden leggen geen bloemen op een begraafplaats. ‘Dat is te werelds’, aldus Leo. Hij wil vooral doorgeven dat er een Joodse gemeenschap bestaat die meedoet met de samenleving. En de begraafplaats is een rijksmonument, daar is hij trots op!

Wrang

Even verder op een muur is een plaquette aangebracht ter herinnering aan de buskruitramp in het centrum van Leiden in 1807 waarbij veel dodelijke slachtoffers vielen. Waaronder ook een Joodse schoolklas, waar achttien kinderen met een leraar hun dood vonden.

Op de begraafplaats staan de meeste van de ruim 400 zerken overeind, maar in 1962 zijn er lichamen overgeplaatst uit Alphen aan den Rijn, wegens plannen dat de grond nodig zou zijn voor woningbouw. De woningen zijn er om allerlei redenen niet gekomen, er ligt nu een park. Het voelt wrang voor Leo dat de stenen zo schots en scheef liggen. Graag zou hij willen dat hier iets aan gedaan wordt.

De leerlingen lopen rond om goed te kijken wat hen opvalt en komen met vragen. ‘Liggen er meer mensen in een graf en wat betekenen die twee handjes?’ Leo legt uit: ‘Er ligt één persoon in een graf, en die twee handjes op een grafsteen zijn van een priester (kohaniem genoemd).’

Wethouder Knape sluit de rondleiding af. Het is tachtig jaar geleden dat we bevrijd zijn en dat we dat in vrijheid mogen vieren. De Joodse begraafplaats is een stille getuige van Joodse gemeenschappen die er niet meer zijn. De Tweede Wereldoorlog laat zijn sporen na ook nog bij de huidige generatie!

Dit is een artikel uit De Katwijksche Post. Meer De Katwijksche Post? Neem een abonnement voor nog geen 5 euro per maand!

Uit de krant