
‘Leerlingenvervoer geen logistiek probleem, maar voorwaarde’
Wethouder Emile Soetendal heeft op dinsdag 12 mei namens Passend Veilig Leerlingenvervoer de petitie ‘Doorschakelen naar een duurzame en zorgzame oplossing’ aan de vaste Kamercommissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) van de Tweede Kamer aangeboden. Met de petitie vragen de initiatiefnemers om een fundamentele herziening van het leerlingenvervoer in Nederland.
Dagelijks zijn naar schatting 75.000 leerlingen afhankelijk van leerlingenvervoer om onderwijs te kunnen volgen. Volgens de initiatiefnemers loopt het huidige systeem vast. Jaarlijks komen meer dan 4 miljoen ritten te laat aan op school. Dat leidt tot verlies van onderwijstijd, extra stress voor gezinnen en scholen en toenemende druk op chauffeurs.
Volgens Passend Veilig Leerlingenvervoer wordt het vervoer nog te veel georganiseerd vanuit efficiëntie, aanbestedingen en kostenbeheersing, terwijl het in de praktijk gaat om kwetsbare kinderen die afhankelijk zijn van passend vervoer om onderwijs te kunnen volgen.
De initiatiefnemers vinden dat leerlingenvervoer niet langer alleen als vervoersvraagstuk moet worden gezien, maar als een essentiële randvoorwaarde voor gelijke kansen in het onderwijs.
Acht voorstellen
De initiatiefnemers pleiten voor het expliciet erkennen van leerlingenvervoer als onderdeel van het leerrecht en als publieke zorgtaak. Volgens hen zijn landelijke regie en duidelijke kwaliteitsnormen noodzakelijk, zodat reistijd, veiligheid en begeleiding niet afhankelijk blijven van de gemeente waarin een kind woont.
Ook moet de organisatie van het vervoer fundamenteel anders. Zolang aanbestedingen vooral draaien om prijs, blijven kwaliteit en continuïteit onder druk staan. Leerlingenvervoer vraagt volgens de initiatiefnemers om stabiliteit, samenwerking en vakmanschap. Niet om voortdurende prijsconcurrentie. Daarnaast stellen zij dat een schoolplaatsing pas echt passend is als een leerling de school ook veilig en haalbaar kan bereiken.
Wethouder Emile Soetendal: ‘Voor veel kinderen is passend vervoer een voorwaarde om onderwijs te kunnen volgen. Het gaat niet alleen om vervoer van A naar B, maar om toegang tot onderwijs en gelijke kansen voor ieder kind.’
Breed gedragen oproep
De petitie wordt ondersteund door ouders, scholen, samenwerkingsverbanden, vervoerders, belangenorganisaties en bestuurders uit het hele land. Met de aanbieding aan de Tweede Kamer roepen de initiatiefnemers het kabinet op om te kiezen voor een stabieler, menselijker en toekomstbestendig systeem voor leerlingenvervoer.
‘Zonder passend en veilig leerlingenvervoer komt de toegang tot onderwijs voor duizenden kinderen onder druk te staan.’
Behandeling van de informateur is grof
Ingezonden n
Veel gedoe over het advies van de informateur voor de vorming van een nieuwe coalitie. Niets bijzonders, dat gebeurt vaak. Partijen die meedoen in de nieuwe coalitie zijn, begrijpelijk, tevreden. Bij de partijen die niet meedoen is er, ook begrijpelijk, teleurstelling.
Er bestaan geen vaste regels voor de vorming van een coalitie. Een nieuw college van burgemeester en wethouders moet kunnen vertrouwen op steun van de meerderheid in de gemeenteraad. Dat is alles, alle combinaties zijn mogelijk als zij maar een meerderheid hebben.
We kunnen niet stemmen op een coalitie en geen enkele partij kan claimen mee te moeten doen, ook de grootste niet.
Meest haalbaar
De minderheidspartijen moeten proberen een meerderheid te vormen. Daartoe wordt een verkenner of informateur aangezocht. Die handelt op basis van een door alle fractievoorzitters ondertekende opdracht. In de opdracht staan onder andere een aantal vragen waarop de partijen een antwoord willen. Daarna geven de partijen afzonderlijk schriftelijk antwoord op die vragen. Daarna begint de informateur met de afzonderlijke gesprekken. Deze zijn geheim, tenzij anders afgesproken.
Na afloop geeft de informateur een advies, hij beslist niets. Het is aan de partijen om te beslissen hoe zij met het advies om willen gaan. De informateur schrijft dus niet zijn eigen voorkeur op, maar wat op grond van de gesprekken de meest haalbare oplossing lijkt.
Onderling vertrouwen
Tijdens de verkiezingscampagne wordt niet of nauwelijks gesproken over het onderling vertrouwen. Tijdens de gesprekken met de informateur komt dat wel aan de orde.
Het advies van de informateur is dus niet alleen gebaseerd op de inhoud maar ook op de verhoudingen tussen partijen. Beoordelen hoe het onderling vertrouwen een rol heeft gespeeld blijft lastig, we waren er niet bij en de gesprekken zijn geheim.
Geheimhouding
Na de presentatie van het advies van de informateur heeft de raad vergaderd over het onderlinge vertrouwen en het gevolg daarvan voor de onderhandelingen. Ik heb dat nog nooit zo in de volle openbaarheid gezien.
Conclusies blijven voor buitenstaanders echter moeilijk zolang er geheimhouding bestaat. Wel is duidelijk dat de verhouding tussen een aantal partijen zodanig is/was dat zij collegevorming in de weg zit.
Partijen hebben aangegeven de komende tijd daarover met elkaar te gaan praten, een goede zaak.
Duidelijk is wel dat het bij de partijen ligt en niet bij de informateur. Hij wordt hierbij wel betrokken, hij wordt zelfs in zeer grove bewoordingen verantwoordelijk gehouden voor de gemaakte keuze. Dat is niet eerlijk, door de geheimhouding kan hij zich niet verdedigen. Het staat ook buiten de werkelijkheid. De informateur is niet van suikergoed, hij kan heus wel een stootje hebben maar het is ongepast. Het is een kwestie van fatsoen als alle partijen daar afstand van nemen.
Oud-informateur
Floor Vletter