Logo allesoverkatwijk.nl
Foto: pr

Raad van State tikt Katwijk op de vingers: E-mailen is niet hetzelfde als per post versturen

Gemeente Katwijk moet opnieuw kijken naar de bezwaren van Stichting Instrepitus tegen het gebruik van granulaat als vulling voor kunstgrasvelden. Dat heeft de Raad van State vorige maand besloten. En dat vanwege de manier van verzenden van het niet-ontvankelijk verklaren van die bezwaren.

Door Sandra Kornet-van Duijvenboden

InStrepitus is latijns voor ‘tegengeluid’. En dat geeft precies aan waar die stichting voor staat: een tegengeluid laten horen en de andere kant van een verhaal laten zien. Een van de zaken waar de stichting zich tegen verzet is het gebruik van ‘rubber afval op kunstgrasvelden’, zoals op de website staat.

De stichting diende bij de gemeente Katwijk een handhavingsverzoek is, toen het college van burgemeester en wethouders in augustus 2019 besloot opnieuw rubbergranulaat (SBR) te gebruiken bij de renovatie van drie kunstgrasvelden bij Quick Boys en VV Katwijk.

Het college wees dat verzoek af, omdat er geen sprake zou zijn van schending van een artikel van de Wet bodembescherming.

Het college stelde, dat de gemeente zich houdt aan ‘het landelijk geaccepteerde zorgplichtdocument van april 2017’. Daarin staat, dat het toepassen van SBR aantoonbaar milieuhygiënisch verantwoord is mits uitvoering wordt gegeven aan de in het zorgplichtdocument 2017 opgenomen maatregelen’.

Stichting InStrepitus tekende pro forma bezwaar aan tegen die afwijzing. De gemeente vroeg om dat bezwaar binnen een bepaalde termijn te motiveren. Dat is niet gebeurd, waarna de commissie bezwaarschriften het college adviseerde het bezwaar niet-ontvankelijk te verklaren.

Naast een brief en e-mail over de ontvangst van het ingediende bezwaar, verstuurde de gemeente nog een e-mail met dat datum waarop de motivatie van het bezwaar uiterlijk ontvangen moest zijn.

InStrepitus stelde die e-mail nooit te hebben ontvangen en ook nooit bij de gemeente te hebben aangegeven, via e-mail bereikbaar te zijn voor dergelijke besluiten.

De RvS geeft de stichting daarin gelijk en ‘vernietigt het besluit van het college van van 6 mei 2020 waarbij het bezwaar van InStrepitus niet-ontvankelijk is verklaard’.

De gemeente liet vorige week desgevraagd het volgende weten over de uitspraak van de RvS: ‘De uitspraak betekent dat Instrepitus alsnog in de gelegenheid wordt gesteld de bezwaren aan te vullen en dat de gemeente inhoudelijk naar de bezwaren moet kijken. Het bezwaarschrift wordt alsnog in behandeling genomen.’

InStrepitus krijg vier weken de tijd voor ‘het aanleveren van (aanvullende) gronden’. Of dat per post, per e-mail of allebei is, is niet bekend.